Werken met de methode Taal actief

19 mei 2017 - Vorig schooljaar, 2015-2016, stapten we over op een nieuwe methode voor onze taallessen. ‘De oude was echt aan vervanging toe,’ zegt Marleen, leerkracht van groep 6. ‘Taal actief is veel meer van deze tijd. En de methode heeft een hoog niveau. Tijdens ons keuzeproces hebben we uitgebreid een grote hoeveelheid methodes onder de loep genomen. Daarvan bleven er twee over, waarmee we proefgedraaid hebben. De bevindingen van de kinderen hebben we meegewogen in onze definitieve keuze. Per slot van rekening zijn zij degenen die er mee werken.’

Julie, enthousiast en welbespraakt, praat me uitgebreid bij over de methode. Alle boeken liggen voor haar op tafel. Voor taal zijn er het theorieboek, het werkboek en het plus-boek voor plusleerlingen. Voor spelling alleen een werkboek. Het is alweer in groep 4 dat ze voor het laatst met de vorige methode werkte, dus ze kan zich daar eigenlijk niet zo heel veel meer van herinneren. Wat ze wel weet is dat ze deze methode veel leuker vindt. ‘Ik begrijp nu veel meer dan toen,’ zegt ze. ‘Ik hoef helemaal niet zoveel meer aan de juf te vragen.’ Het fijne is ook dat ze op haar eigen niveau kan werken. Elke les biedt opdrachten op drempelniveau, basisniveau en verrijkingsniveau. ‘Dit is heel erg motiverend voor de kinderen’, vult Marleen aan. ‘Je ziet dat kinderen die in de basis op het laagste niveau werken, toch ook proberen de opdrachten van het basis- en verrijkingsniveau te maken. Als je de eerste opdrachten goed hebt gemaakt, nodigt het uit om verder te gaan. En je kunt differentiëren. Als je bij de vorige methode ‘1-ster’ niveau was, dan werkte je daar altijd op. Nu kun je een onderwerp dat je wel goed begrijpt, ook op 3-ster niveau verwerken. Kinderen krijgen zo beter inzicht in hun eigen kunnen en worden continue uitgedaagd.’

In elk drie-wekelijks blok, zitten ook lessen waarin de kinderen samenwerken. ‘Als je hoort dat je samenwerkles hebt, gaat iedereen gelijk juichen,’ zegt Julie. ‘Je werkt dan met je maatje uit je tafelgroepje, maar soms ook met twee of drie andere kinderen. Die groepjes maakt de juf dan.’ Samenwerken is erg belangrijk op de van Brienenoordschool. ‘Ze kunnen het ook heel goed,’ zegt Marleen trots. Ik vind het erg belangrijk dat ze elkaar dingen echt uitleggen, en niet voorzeggen. En dat doen ze supergoed.’ 

Op woensdag wordt er altijd gewerkt uit het werkboek. Hierin gaat het vooral om het toepassen van taal. ‘Een werkstuk maken, een spannend verhaal bedenken of een betoog houden,’ vertelt Julie. ‘Ik vind het eigenlijk wel het leukst om uit het werkboek te werken. Laatst moesten we een betoog houden en ging het over non-verbale tekens. Dat was heel leuk.’ Discussiëren is ook zo’n onderwerp. Dan wordt de klas in groepjes verdeeld waarna ze aan elkaar verslag doen over de uitkomst. Dat levert dan ook vaak weer geanimeerde gesprekken over deze uitkomsten op. Zo zijn de kinderen heel interactief met taal bezig.

Elk thema begint met een verhaal van een kinderboekenschrijver. En die zijn echt leuk. ‘In groep vijf zei de juf een keer: van deze schrijver heb ik een boek in de kast. En toen we het verhaaltje gelezen hadden, wilde iedereen het boek lezen’, zegt Julie als ik haar vraag of ze wel eens nieuwsgierig wordt naar de boeken van de schrijvers. Een ontzettend mooie bijkomstigheid van de methode.

‘We ontdekken steeds weer iets nieuws in deze methode’, zegt Marleen. ‘En dat terwijl we er al bijna twee jaar mee werken nu. Hij nodigt ons echt uit tot het nemen van eigen initiatief. Op onderzoek uitgaan, nieuwsgierig zijn. Dit is een methode waar we nog heel lang mee vooruit kunnen.’

Meer weten over Taal actief? 

  • Voor ouders hebben wij een zogenaamde methodekaart ontwikkeld. Hierin vatten we de methode Taal actief kort voor u samen. Download hem hier >
  • Ook kunt u natuurlijk terecht op de website van de uitgever. Naar de website >